Flexibele schil op termijn duurder?



Eind mei publiceerde het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een besluit die voor veel werkgevers inhoudt dat de inhuur van flexkrachten via gespecialiseerde uitzendbureaus duurder kan worden.

Gespecialiseerde uitzendbureaus konden voorheen onder bepaalde voorwaarden op verzoek worden ingedeeld in de veelal goedkopere vaksector in plaats van 'sector 52, Uitzendbedrijven'. Indeling in een vaksector was mogelijk als meer dan 50% van het premieplichtige loon (op basis van uitzendovereenkomsten zonder uitzendbeding) aan die sector kon worden toegerekend. Van die mogelijkheid werd bijvoorbeeld gebruik gemaakt door gespecialiseerde uitzendbureaus in de zorg, waar de sectorpremies (sector 35) aanzienlijk lager zijn dan in de uitzendsector.

De mogelijkheid van indeling van een uitzendbureau in een vaksector komt voor nieuwe aanvragen na 25 mei 2017 te vervallen. Alleen uitzendbureaus die al voor 25 mei waren ingedeeld in een vaksector blijven die indeling behouden. Aanvragen die voor 25 mei zijn gedaan maar nog niet zijn afgehandeld, worden volgens de toen geldende regels afgehandeld.

De afschaffing van de uitzonderingsbepaling geldt ook voor ondernemingen die alleen voor zover het uitzendwerkzaamheden betreft (minstens 15%, maar niet meer dan 50% van het totale premieplichtige loon) worden ingedeeld in de uitzendsector.

Uitzendkoepel NBBU, die vooral over de kwestie met het ministerie en in de Stichting van de Arbeid in gesprek was, meldt door het besluit verrast te zijn.Over de afschaffing van de mogelijkheid voor uitzendbureaus om in een vaksector te worden ingedeeld zijn inmiddels Kamervragen gesteld. Volgens de vragenstellers leidt het besluit namelijk tot een tweedeling tussen de vakuitzendbureaus.

Voor werkgevers die flexkrachten inhuren via een gespecialiseerd uitzendbureau betekent deze wijziging in het beleid ten aanzien van uitzendbureaus een extra aandachtspunt als zij willen veranderen van contractspartij.

Bron: Min SZW 18-05-2017, 2017-0000076375 (Stcrt 2017, 29244)